Niet alle koeien met een uierontsteking hebben afwijkende melk of een harde uier!
Dit artikel is onderdeel van "De Kapstok Uiergezondheid". Klik hier!
Er kunnen twee soorten uierontstekingen onderscheiden worden: klinische en subklinisch uierontstekingen.
Klinische mastitis = zichtbare uierontsteking
De melk ziet er abnormaal uit: vlokken (zie foto), waterig, … Het aangetaste kwartier kan gezwollen, hard, pijnlijk … zijn. De algemene ziektesymptomen variëren zeer sterk gaande van afwezigheid van ziektetekens, over koorts en eetlustdaling, tot shock en soms zelfs sterfte.
Subklinische mastitis = onzichtbare uierontsteking
De koe ziet er kerngezond uit maar op de MPR-uitslag is een verhoogd celgetal terug te vinden. We spreken van een verhoogd celgetal bij een vaars als er meer dan 150 000 cellen/ml en bij een koe als er meer dan 250 000 cellen/ml aanwezig zijn. Dit wijst op een subklinische infectie van minstens één van de kwartieren met een ontstekingsreactie (met aantrekken van ontstekingscellen (zie foto)) tot gevolg.
| De gevaren van subklinische uierontsteking zijn: |
Voor zowel klinische als subklinische mastitis geldt het principe: voorkomen is beter dan genezen!
Uit:
december 2008


Uiergezondheid nieuwsfeed